Gepubliceerd op: 8/13/2026
Dit is Buurts: juf van de leuke dingen
Elvira werkt als kinderwerker en zorgt voor een plek waar kinderen kunnen spelen, ontdekken én hun verhaal kwijt kunnen. Zelf vat ze haar werk het liefst zo samen: ‘Ik ben de juf van de leuke dingen.’
In Dit is Buurts delen medewerkers de verhalen achter hun werk: van kleine ontmoetingen tot grote stappen vooruit.
Diploma
Ik ben al heel lang actief in de wijk. Ooit ben ik begonnen in de wijkverpleging, maar na drie hernia-operaties mocht ik geen mensen meer tillen. Daarna heb ik heel veel verschillende dingen gedaan, maar het waren altijd functies waarin ik iets voor anderen kon betekenen. Bij elk beroep haalde ik mijn diploma. Al was ik er maar een jaar, dan nog ging ik mijn certificaat halen. Zo ben ik via onderwijsassistent en BSO-medewerker uiteindelijk in het kinderwerk terechtgekomen.
‘Neem maar mee’
Ook heb ik twaalf jaar een kringloopwinkel, gekoppeld aan een stichting die nog steeds bestaat, gerund. De winkel was een middel, geen doel. Als we de mensen eenmaal binnen hadden, keken we waar we ze mee konden helpen. Hadden ze iets nodig, of kwamen ze voor het praatje en de gezelligheid? Als iemand geen geld had om iets te kopen, zei ik: ‘Neem maar mee’. Maar de kosten werden te hoog en de winkel moest sluiten. Toen ben ik via een collega bij Buurts terechtgekomen.

Opa Klus
Nu werk ik hier drie dagen in de week als kinderwerker. Maandag, woensdag en vrijdag, van tien tot zes. Na schooltijd komen de kinderen hier binnendruppelen. We hebben het kinderatelier, waar ze knutselen, timmeren, tekenen, kraaltjes rijgen. Onlangs is er een man uit de wijk bij ons aangesloten die van klussen houdt. Hij doet ook het Repair Café en ik vroeg hem of hij het niet vond leuk om ook eens met de kinderen bezig te zijn? Nu is hij ‘Opa Klus’. Hij heeft zelf nog geen kleinkinderen, maar hier heeft hij er al twaalf.
Meidenclub
Onder het knutselen en frutselen komen de levensvragen vanzelf. Kinderen lopen vaak met meer zorgen rond dan wij beseffen. Dat komt er bij ons aan tafel dan uit. We hebben ook een meidenclub en een jongensclub. Bij de meidenclub zitten we met twaalf tot soms vijfentwintig meisjes aan tafel. Niet-westerse meisjes hebben vaak niet dezelfde vrijheden als andere kinderen. Dan is zo’n middag hier extra belangrijk. Een plek waar ze zichzelf kunnen zijn, met elkaar kunnen praten, vragen kunnen stellen.
Ik heb ook een signaleringsfunctie. Als ik iets hoor aan tafel wat me zorgen baart, loop ik informeel even naar het Centrum Jeugd en Gezin hiernaast. Dan vraag ik: ‘Wat vinden jullie hiervan, welke weg bewandelen we?’
Kindercamping
Ik geniet ook erg van de Zonnige zomerweken die wij organiseren. Veel kinderen gaan niet op vakantie, dus zorgen wij ervoor dat er genoeg leuke dingen te doen zijn. Een van de mooiste activiteiten is de kindercamping in het park. Kinderen nemen hun eigen tent mee en zijn die dag de baas. We hebben een springkussen, schmink, een ballonkunstenaar die ieder jaar terugkomt. En natuurlijk wat lekkers te eten. Deze activiteiten proberen we zo veel mogelijk gratis te houden, of tegen een kleine vergoeding, zodat het voor iedereen toegankelijk is.
Paashaaspak
De kinderen noemen me allemaal juf. In de supermarkt, op straat, overal. Zelf zeg ik altijd: ‘Ik ben de juf van de leuke dingen’. Ik loop over van de ideeën en krijg er energie van om steeds weer nieuwe activiteiten te verzinnen, waar de kinderen blij van worden. Het kan mij niet gek genoeg. Afgelopen jaar met Pasen had ik een fantastisch fluffy paashaaspak op de kop getikt waar ik de hele dag in rond liep. De kinderen vonden het geweldig en wilden allemaal een knuffel van de paashaas. Blijer kan je mij niet krijgen.’